Bij meerdaagse competities worden Grand Prix punten toegekend teneinde uitschieters bij scores van de afzonderlijke wedstrijden te “dempen”. Grand Prix punten worden gebruikt om een overall klassement op te stellen.
Na afloop van een wedstrijd wordt een dagklassement opgesteld.
De plaats van de deelnemers in het dagklassement wordt bepaald door de dagscores. Als twee spelers een gelijke score hebben wordt de plaats in het dagklassement bepaald door vergelijking van de scorekaarten (“matching score cards”) of de hoogte van de handicap. De plaats in het dagklassement is bepalend voor het te behalen aantal Grand Prix punten.
Grand Prix punten (20, 16, 13, 11, 10, 9, 8, 7, 6, 5, 4, 3, 2, en 1) worden toegekend op basis van de plaats van een speler in het dagklassement; plaats 1 krijgt 20 punten, plaats 2 krijgt 16 punten, plaats 3 krijgt 13 punten etc. en plaats 14 krijgt tenslotte 1 punt.
Als minder dan 14 spelers hebben meegedaan, wordt het altijd het hoogste aantal Grand Prix punten toegekend. Plaats 1 krijgt 20 punten, plaats 2 krijgt 16 punten etc.
Als in een wedstrijdreeks geen aparte daguitslag wordt gemaakt voor dames en heren worden – indien voor dames en heren aparte competities gelden – de hoogste Grand Prix zowel voor dames als heren toegekend.
Voor iedere competitie wordt vastgesteld hoeveel wedstrijden meetellen voor het bepalen van de beste scores. Van iedere speler worden de beste Grand Prix punten van het vastgestelde aantal wedstrijden opgeteld. Indien een speler minder dan het vastgestelde aantal wedstrijden heeft gespeeld, telt het totaal van de gespeelde wedstrijden.
Bij gelijke stand wordt gekeken naar de laagste exact handicap.
Versie: 19 januari 2026